KZ Bergen-Belsen

Een scheepsramp zoals in het voorgaande hoofdstuk geschetst was niet het lot van Lute. Op 10 april 1945 werd een transport vanuit Neuengamme naar Bergen-Belsen gestuurd met circa 135 zwaar zieke gevangenen (zogenaamde Muselmannen [1]) en Lute maakte daar deel van uit. Het transport zou oorspronkelijk naar Celle bij Hamburg gaan, maar dit plaatsje was inmiddels al door de Engelsen veroverd. Vervolgens werd het transport naar Bergen-Belsen gedirigeerd waar ze op 11 april ’s nachts aankwamen.

 

Er is een getuigenverslag van de aankomst van dit bewuste transport in Bergen-Belsen beschikbaar opgetekend door één van de lotgenoten, de Fransman Louis Martin-Chauffier (uit: L’homme et la bête, 1947): ‘Twintig duizend naakte lijken lagen te ontbinden tussen de vervallen barakken. “Uitgedroogden” zou een betere uitdrukking zijn, omdat de naakte lichamen alleen bestonden uit huid en botten. Lopend over dit tapijt van doden, stortten verdwaasd kijkende, gehavende, haveloze gestalten zich op onze vrachtwagen in de hoop ons van onze eventuele voorraden te kunnen ontdoen. Dermate vermagerd, met een ingevallen, bleke, perkamentachtige huid, zagen zij eruit alsof zij zojuist uit de dood waren opgestaan. De wet van de jungle heerste hier. Hadden ze de kracht gehad, dan zouden deze ongelukkigen je voor een stuk brood ombrengen. Maar wat was er binnen dit gebrek te stelen? Sinds zes dagen hadden deze vijfendertig duizend mannen en vrouwen niets meer te eten of te drinken gekregen. [. . .] Zonder het te weten hielden de geallieerden een wedloop met de dood en wij waren het onderpand: Maar wij interesseerden ons echter niet meer in de afloop van deze race. De bevrijding kwam te laat. Wat hadden wij eraan, om als vrije mensen op de plaats van onze doodsstrijd te sterven.’

 

Lute wist dat de bevrijding aanstaande was, maar ook voor hem kwam de bevrijding te laat. Hij overleed aan uitputting op eenentwintig jarige leeftijd op 14 april 1945. Bergen-Belsen werd één dag later door de Engelsen bevrijd, op 15 april 1945.

Dr. J Schaake schreef in zijn brief van 28 april 1946: ‘Bij zijn sterven was ik niet aanwezig. Ik mocht mijn barak niet verlaten daar ons kamp dien dag omsingeld werd door de Engelsen. Eerst des Zondag na 3 uur, het uur van onze bevrijding, kon ik mij naar de kamer begeven waar hij [Lute] met nog enige doden lag. Het lazaret was overvol zodoende had men deze mensen in een aparte kamer gebracht. Des Maandags hebben wij hem en een heer uit Amsterdam, die inmiddels ook overleden was, in een massagraf ter aarde besteld.’

 

Zodra de Britten na de bevrijding van Bergen-Belsen de omvang van de humanitaire ramp doorkregen organiseerden ze de hulpverlening voor de ongeveer 60.000 gevangenen. Ondanks deze hulp vielen er na de bevrijding van het kamp alsnog ongeveer 14.000 dodelijke slachtoffers.

 

De joodse cameraman Mike Lewis in dienst van de Britse foto- en filmdienst (the Army Film and Photographic Unit) kwam min of meer toevallig tijdens de bevrijding in Bergen-Belsen terecht. Het is mede door zijn opnames gedurende twee weken in het kamp dat we gedetailleerd bewegend beeld kennen van de situatie vlak na de bevrijding [i] [ii]. En die beelden ontstijgen ieder menselijk voorstellingsvermogen van ellende. Beelden die alle twijfel, elke vorm van ontkenning of relativering wegvagen. De filmbeelden maakten deel uit van de bewijslast tijdens de processen van Neurenberg.

 

Op de beelden zijn de uitgemergelde gevangenen te zien, soms zichtbaar blij maar meestal apathisch, volledig ontmenselijkt. De bergen met lijken …. de SS bewakers die gedwongen werden de lijken te ruimen …. schijnbaar onverschillig met lichamen rondslepend om ze in een kuil te smijten. Op een gegeven moment is het aantal dode lichamen zo groot dat de Britten niet anders konden dan deze met bulldozers in massagraven te schuiven. De bestuurders van de bulldozers hielden een met benzine doordrenkte lap voor het gezicht tegen de onvoorstelbare stank.

 

Op 21 mei 1945 brandden de Britten het kamp met vlammenwerpers volledig plat wegens het grote gevaar op verspreiding van infectieziekten zoals tyfus. Er bleef niets van het kamp Bergen-Belsen over behalve de massagraven met ongeveer 52.000 slachtoffers [iii].

 

[1] De achtergrond van de benaming Muselman is onduidelijk. In ieder geval werd hiermee een apatisch uitgemergeld persoon bedoeld. Een persoon op sterven na dood.

 

[i] Bergen-Belsen for example (dutch subtitles) - YouTube

 

[ii] Bergen Belsen Concentration Camp – History of Sorts (dirkdeklein.net)

 

[ii] Die Toten von Bergen-Belsen, Zahl und Grablagen der Opfer des Konzentrationslagers Bergen-Belsen, Stiftung Niedersächsische Gedenkstätten, Katja Seybold, 2015

 

Bergen-Belsen april 1945 (tekening René Baumer) (bron: website KZ-Gedenkstätte Neuengamme)

Kampbewakers ruimen de lijken onder toezicht van Engelse soldaten [ii]

Jongetje loopt langs stapels met lijken in Bergen-Belsen vlak na de bevrijding [ii]